Kinetic Typography
Typografie & Opbouw van Animatie
Typografie & Opbouw van Animatie
Vandaag ga je werken aan de basis van je kinetic typography-animatie. Je zorgt ervoor dat al je tekst netjes in text layers staat, op de juiste plek in beeld én goed getimed op de audio.
Aan de hand van je storyboard ga je de teksten animeren met keyframes, precies zoals jij het vooraf hebt bedacht. Zo breng je je ontwerp stap voor stap tot leven.
Op deze pagina leer je daarnaast een aantal extra vaardigheden die je helpen om je animatie vloeiender, duidelijker en overtuigender te maken. Het lijkt misschien veel informatie, maar neem rustig de tijd. Niet alles kan in één keer perfect gaan. De docenten helpen je maar al te graag.
Woorden zeggen veel, maar bewegende woorden zeggen meer... Succes!
Deze periode voor deze opdracht is 4 weken. Daarna volgt de opdracht 'Montage maken' in Premiere Pro.
Introductie & Basisvaardigheden
Typografie & Opbouw van Animatie
Effecten
Finetuning, Feedback & Export
Typografie & Opbouw van Animatie
Studenten begrijpen typografische keuzes (font, gewicht, spacing).
Ze bouwen de basis van hun Kinetic Typography animatie volgens de stappen.
Studenten begrijpen de basisvaardigheden van animeren en animeren de teksten met keyframes.
Adobe After Effects
PC
De theorie wordt door je docent klassikaal uitgelegd.
Je gaat deze opdracht individueel uitvoeren.
Organiseer je project in After Effects:
Geef je lagen een naam: Zorg ervoor dat je elke laag een duidelijke naam geeft, zoals 'Text_Intro' in plaats van 'Layer 1'. Dit helpt je snel te begrijpen waar elke laag voor dient.
Gebruik pre-composition: Groepeer gerelateerde elementen in pre-composities. Dit vermindert de rommel op je tijdlijn en maakt het makkelijker om delen van je project te bewerken zonder de hele compositie te verstoren.
Kleurcodeer lagen: Maak gebruik van kleurlabels voor je lagen in de tijdlijn. Je kunt bijvoorbeeld verschillende kleuren toewijzen aan tekst, afbeeldingen en effecten. Dit helpt je om visueel beter door je project te navigeren.
Gebruik markeringen: Voeg markeringen toe aan je tijdlijn om belangrijke gebeurtenissen of wijzigingen, zoals overgangen en tekstwijzigingen, te markeren. Hierdoor kun je snel naar belangrijke punten in je project springen.
Maak mappen voor assets: Organiseer je projectpaneel door verschillende soorten assets, zoals video, audio en afbeeldingen, in goed benoemde mappen te plaatsen. Dit maakt het makkelijker om alles terug te vinden.
Adjustment layers: In plaats van meerdere effecten rechtstreeks op een laag toe te passen, gebruik je 'adjustment layers'. Dit maakt het eenvoudiger om effecten aan te passen, te verwijderen of opnieuw te rangschikken zonder de oorspronkelijke laag te beïnvloeden.
Maak regelmatig een back-up: Sla meerdere versies op om verschillende fasen van je project bij te houden, vooral voordat je grote wijzigingen aanbrengt. CTRL(Command) + S!
Bekijk als eerst deze video voor je begint met animeren. Matthijs geeft je een heldere duidelijke tutorial over hoe je kan beginnen met je Kinetic Typography en legt uit hoe je gebruik kan maken van Track Matte, lagen koppelen en 3D effecten.
Youtube staat vol met handige tutorials. Zoek je extra verdieping? Bekijk dan of deze tutorial van Holmes Motion handig is voor je.
Audio op de timeline
Vorige les heb je je audio bestand geïmporteerd. Alles wat je in je 'project panel' hebt staan kan je gemakkelijk in je 'timeline' slepen om het toe te voegen aan je animatie. Doe dit met je audio bestand.
Gebruik markers op soundwaves
Bekijk de audiogolf (waveform) via de 'L' toets (2x) om een visuele representatie van de audio te krijgen. Je kan nu gemakkelijk aan de geluidsgolven zien wanneer er gesproken wordt.
Gebruik markers om belangrijke momenten te noteren (bijvoorbeeld woorden of geluiden waar je op wil animeren). Plaats een marker met de * door control+8 toets (Apple) in te drukken terwijl je de audio afspeelt met de 'spatiebalk'.
Vervolgens kan je met dubbel klick op de marker een venster openen waarme je de marker kan aanpassen met label kleuren en tekst. Als je op sound effects ook bepaalde animaties wilt maken gebruik dan bijv. een ander label kleur voor je marker. Zie voorbeeld hieronder.
Als je dit voor het hele fragment gedaan hebt zal je merken dat het je gaat helpen met overzicht houden. Je weet nu wat wanneer komt en kan je met behulp van 'pre-pompose' de stukken tekst opdelen.
Tekstlagen & fonts selecteren
Tekstlagen
Maak voor elk woord (dat je apart wilt animeren) een aparte laag. Dus in dit voorbeeld is de zin; "What's he building in there?" opgedeeld in 5 aparte tekst lagen. Het is voor je eigen overzicht ook erg handig om elke laag te hernoemen! Noem de laag naar het woord wat in die laag zit.
Font selecteren
Wanneer je op een tekstlaag klikt zie je rechts in de properties panel alle beweringen die je met een tekst kan doen. Gebruik je een font die niet standaard in de font-bibliotheek zit? Installeer deze eerst, je hoeft hiervoor AE niet af te sluiten.
Tekst opmaak
Vervolgens kan je kijken naar de tekst opmaak. Voornamelijk de grootte en kleur zal van toepassing zijn. Maar denk bijvoorbeeld ook aan de 'kerning' dus de afstand tussen de letters.
Pre-compose
Voeg je tekstlagen samen
Om je werk overzichtelijk te houden kan je bijv. per zin alle lagen(woorden) samen voegen d.m.v. een 'pre-compose'. Zie dit als een compositie binnen je compositie.
Je krijg vervolgens een pre-compose laag te zien, deze is geel/bruin kleurig en herken je aan het dit icoon in de 'Layer Name'.
De voorbereiding gedaan, animeren maar!
Animatie tools
Position/Scale/Rotation/Opacity keyframes
In After Effects maak je animaties met keyframes. Een keyframe legt vast wat de waarde is van een eigenschap op een bepaald moment. After Effects berekent automatisch de beweging tussen die keyframes.
Position: bepaalt waar een object staat in beeld (X- en Y-positie).
Rotation: bepaalt hoeveel een object draait.
Scale: bepaalt hoe groot of klein een object is.
Opacity: bepaalt hoe zichtbaar een object is.
Keyframes & timing
Hoe verder keyframes uit elkaar staan, hoe langzamer de animatie. Hoe dichterbij, hoe sneller
Met Easy Ease (F9) maak je bewegingen vloeiender. Selecteer hiervoor de keyframes die je vloeiend wilt hebben. Zie kopje Graph Editor Basics voor verdieping.
Alles wat je kan animeren met keyframes in After Effects kan je herkennen aan de stopwatch icoontjes.
Als je gaat animeren:
Klik op het stopwatch icoon om de waardes die achter bijv. Scale staan als startpunt te gebruiken.
Ga een x aantal seconden verder in de tijdlijn met de 'current time indicator'.
Als je nu de diezelfde waardes aanpast wordt er automatisch een nieuwe keyframe aangemaakt in de tijdlijn. Zolang je je positie in de tijdlijn niet veranderd blijf je dezelfde keyframe aanpassen.
Klik dus niet nog een keer op de stopwatch, dan verwijder je alle keyframes! Je klikt dus maar één keer op de stopwatch bij de start van het maken van een animatie.
Wanneer je een aantal keyframes hebt en gaandeweg verschillende keyframes wilt aanpassen kan je de keyframe selector (previous, next) gebruiken. Je tijdlijn indicator staat dan precies op de keyframe.
Uiteraard kan je de indicator ook handmatig op de tijdlijn op de juiste keyframe plaasten, maar soms gebeurt het wel eens dat je net naast de keyframe staat. Denk je dan de waardes aan te passen maak je dus per ongeluk een nieuwe keyframe één frame naast de keyframe die je wilde aanpassen. Dit kan voor een rommelige animatie zorgen. Dit moet je altijd voorkomen!
Graph Editor basics
toevoegen!
Motion Blur
Wil je snel op een simpele manier een mooi effect hebben? Tuurlijk wel! Zet dan de 'motion blur' aan op een laag naar keuze. Motion Blur zorgt ervoor dat bewegende objecten licht vervagen tijdens beweging. Dit maakt animaties vloeiender, realistischer en minder stotterig.
Zet motion blur aan per laag met het icoontje met drie cirkels.
Null-Object
Een 'null object' is een onzichtbare laag die je gebruikt om andere lagen te besturen die aan deze laag d.m.v parenting gekoppeld zijn.
Je ziet het null object niet terug in je eindvideo (render), maar het is superhandig om animaties overzichtelijk te houden! Je kunt een null object zien als iets wat de baas is over de gekoppelde lagen.
Je gebruikt het om:
Om meerdere lagen tegelijk te animeren.
Om complexe bewegingen simpel en overzichtelijk te houden.
Om animaties makkelijk aan te passen zonder alles opnieuw te moeten doen of aanpassen.
In plaats van elke tekstlaag apart te animeren, animeer je één null object.
Pan behind tool
Nou kan het voorkomen dat je nadat je alles lagen gekoppeld hebt dat je de 'anchor-point' (het punt waar de animatie op toegepast wordt) wilt verplaatsen. In het voorbeeld hierboven staat het anchor-point links onderin de tekst.
Stel, je wilt dit toch in het midden hebben. Je kan dan met de 'pan behind', zie menubalk hier rechts, de anchor-point verplaatsen.
Mocht je al een animatie hebben gemaakt veranderd er niets aan de positie of waardes van de keyframes.
tool of Y ingedrukt houden
Parenting
Stel je voor dat je meerdere lagen hebt in After Effects, zoals tekst, vormen of iconen, die samen één geheel vormen. In plaats van elke laag apart te animeren, kun je ze aan elkaar koppelen. Dat noemen we 'parenting'. Dit doe je met de 'pick-whip' (spiraal icoon). Sleep vanuit het pick-whip icoontje de laag naar de laag die hij moet volgen.
De gekoppelde laag (child = volger) volgt automatisch de beweging van de hoofdlaag (parent = leider). Alles wat je met de parent doet, verplaatsen, draaien of schalen, wordt automatisch gevolgd door de child-lagen.
Sla je werk op en gebruik de 'dependencies' → 'collect files' methode om al je materiaal te verzamelen zodat je de gehele map in één keer in je OndeDrive kan opslaan. Je kan voor de zekerheid ervoor kiezen om de vorige map te bewaren. En geef deze map bijv. een nieuwe datum in de naam. Of verwijder de oude zodat je altijd overzichtelijk één project map hebt.
Wat heb je tot nu toe af?
Welk fragment, scene, muziekstuk etc. je gebruikt. Titel en platte tekst van het audiofragment. ✓
Overzicht van je font(s), kleuren, grafische elementen. ✓
Mini Storyboard. ✓
Screenshots van je werkproces. Hierbij benoem je wat je precies gedaan hebt. Welke tools, vaardigheden, (denk)stappen, instellingen etc.